Kinderfysiotherapie onderzoek

De aanmelding kan plaatsvinden na verwijzing door een arts of specialist, maar je kunt je kind ook zelf aanmelden, via de website of per telefoon.

Er wordt via telefoon of mail een afspraak gemaakt voor een intake-gesprek. Dit vindt over het algemeen met ouder(s) en kind samen plaats. Hierbij kan de hulpvraag naar voren gebracht worden.

Slider

B.v.

- Waar heeft het kind last van? Zijn er pijnklachten, beperkingen?

- Wat gaat er goed, wat gaat er nog niet goed?

- Maken de ouders (of anderen) zich zorgen over de ontwikkeling van het kind?

Er kan ook gewerkt worden met een vragenlijst om de vragen of problemen te inventariseren. Gegevens van andere begeleiders of behandelaars, of leerkrachten kunnen een aanvulling geven; zij zijn regelmatig ook degenen die een (bewegings)probleem signaleren.

Dan wordt een onderzoek gedaan. Hierbij wordt o.a. gebruik gemaakt van gestandaardiseerde testen. Hiermee kunnen we een objectieve maat bepalen van het bewegend functioneren, in vergelijking met leeftijdsgenoten (kwantiteit). Daarnaast krijgen we een beeld van de kwaliteit van het bewegen. Hierbij kun je denken aan de vloeiendheid of souplesse, de efficiëntie en taakaanpak, de variatie. Meestal komt dit tijdens het spontane bewegingsspel nog duidelijker naar voren.

Tijdens het vraaggesprek en het onderzoek wordt rekening gehouden met de leeftijd, de aandoening, de ontwikkelingsfase en omgevingsfactoren die invloed kunnen hebben op het (bewegings)gedrag van het kind.

Aanvullende testen, zoals onderzoek naar spierkracht en beweeglijkheid, neurologische functietesten kunnen extra informatie geven. Ook worden zo nodig andere specifieke onderzoeken ingezet, afhankelijk van de hulpvraag. Dit alles levert een totaalbeeld op van de motorische mogelijkheden en eventuele beperkingen en ook wat hier aan ten grondslag ligt. Het is voor de ouders (en: afhankelijk van de leeftijd) voor het kind van belang om hier inzicht in te krijgen, zodat er samen gewerkt kan worden aan verbetering en zo mogelijk het oplossen van het probleem.

Bijvoorbeeld: Een jongen van vijf jaar durft bij het spelen in de speeltuin niet met het klimmen mee te doen. Heeft hij problemen met de spierkracht of lenigheid, heeft hij geen idee hoe hij het moet aanpakken, heeft hij hoogtevrees, weinig zelfvertrouwen, overgewicht, te weinig energie ?

De bevindingen van het onderzoek worden besproken en er wordt advies gegeven, zo nodig wordt behandeling gestart. Schriftelijk wordt dit vastgelegd en deze bevindingen en een behandelvoorstel worden ook naar de huisarts of specialist gestuurd.

Het behandelplan wordt regelmatig geëvalueerd en waar nodig bijgesteld.